de duvel aandoen

Dutch

Pronunciation

  • IPA(key): /də ˈdy.vəl ˈaːn.dun/

Verb

de duvel aandoen

  1. (transitive, informal, Belgium) to annoy, tease, bully
    Synonym: treiteren
    • 1974, Della Bosiers, “De Leeuw en de Schorpioen”:
      We zijn gemaakt om mekaar de duvel aan te doen
      Ik vind dat zalig en jij vindt dat ook wel best
      (please add an English translation of this quotation)

Conjugation